
Woonvertrek van de Graaf
(salle Victor Abens)

Door de bouw van het "Grote Paleis" ontstond op de begane grond een nieuwe grote zaal. De eerste verdieping werd vervolgens veranderd in privévertrekken voor de Graaf en zijn familie.
Deze vertrekken, met twee schoorstenen, werden eind 12e begin 13e eeuw bovenop de gewelfde nieuwe grote zaal gebouwd (in oudere literatuur is een theorie te vinden dat dit in twee fasen gebeurde, hetgeen waarschijnlijk niet correct is).
Het is nu onmogelijk om te zeggen hoe de oorspronkelijke onderverdeling in verschillende kamers eruitzag. De zaal wekt de indruk als één ruimte te zijn ontworpen. De reden hiervoor is dat de indeling van de begane grond (Grote Zaal) met zijn 6 ramen hier is overgenomen. Op die manier lijkt het gebouw er van buitenaf symmetrisch uit te zien. Dit werd in de vroege gotiek belangrijker gevonden dan de functionaliteit binnenin. De ruimteindeling binnen moest aan de buitengevel worden aangepast. De raam- en deurbogen hebben de spitsbogen die men kent uit de gotiek, terwijl de ramen op de begane grond ronde bogen hebben. Dit leidde tot de theorie dat er twee bouwperiodes zijn geweest. In werkelijkheid is het gebouw in één fase gebouwd. De steenhouwwerkzaamheden op beide verdiepingen vertonen dezelfde overeenkomsten en dit lijkt erop te duiden dat het gebouw door dezelfde werknemers werd gebouwd.
Bij de (achter)deuropening in de zuidoostelijke muur zijn enkele "Schweigerosen" te zien.
Schweigerosen zijn "stille rozen" en onderstrepen het geheimhouden van al het besprokene in deze ruimte. Dit geeft het privé-karakter van deze plek weer en scheidt deze ruimte van het "openbare" gedeelte van de Galerij (zomerzaal).
De statige vertrekken bestonden van rond 1200 tot in de 18e eeuw. Hoewel er absoluut geen aanwijzingen zijn over hoe de vertrekken eruit gezien hebben, moeten we aannemen dat ze in de loop der tijd steeds werden aangepast om aan de meest luxueuze standaards te voldoen.
In de 18e eeuw werden de niet meer gebruikte vertrekken omgebouwd tot graanschuren, vanwege de toegenomen landbouwproductie in deze tijd.
Tegenwoordig wordt de hal gebruikt voor allerlei culturele evenementen.
Victor Abens

Victor Abens uit Vianden was lid van het luxemburgse parlement van 1945 tot 1981 en burgemeester van de stad Vianden van 1946 tot 1981. Hij was ook de eerste voorzitter van de stichting "Vrienden van het Kasteel van Vianden". Sinds de wederopbouw beheert deze stichting het gebouw en is verantwoordelijk voor het meubilair en het culturele leven binnen de kasteelmuren. Het meeste meubilair dat vandaag de dag tentoongesteld wordt, is aangekocht door de heer Abens, een gepassioneerd antiekliefhebber. Zijn bekendheid stelde hem in staat veel politieke evenementen, staatsbezoeken en banketten in het kasteel te organiseren.
Waar zich ooit de statige vertrekken bevonden, bevindt zich nu deze zaal, vernoemd naar Victor Abens.
Wandtapijt "De Val van Troje"

Vlaanderen, 16e eeuw
Te zien is een episode van de lange belegering van Troje door de Grieken onder leiding van Agamemnon.
De compositie bestaat uit drie afzonderlijke delen:
Op de achtergrond, de stad Troje schijnbaar geflankeerd door imposante stadsmuren.
Enkele gebouwen aan de rechterkant van de stad staan in brand.
In het midden het enorme houten paard van Troje waarin de Griekse voetsoldaten verborgen zaten.
Omdat het de Grieken niet lukte de belegerde stad met een aanval te veroveren, bouwden de Grieken op advies van de intelligente Odysseus, een enorm houten paard om gewapende soldaten in te verstoppen.
Vervolgens trokken ze hun schepen terug en deden alsof ze de expeditie opgaven.
Op de voorgrond ziet men rennende vrouwen, kisten met waardevolle bezittingen en soldaten die ofwel hun wapen dragen of burgers doden.
Deze laatste scène kan zowel de Griekse voorgespeelde terugtrekking van het leger voorstellen of de plundering van de stad Troje en de slachting onder de burgers.
De stad Troje en de slachting onder de overlevenden na de intocht van het paard in de stad.
Links is een man te zien die een oudere man op zijn schouders draagt.
De legende zegt dat het de held Aeneas is die zijn vader Anchise draagt.
Wandtapijt
"De Koningin van Sheeba
ontmoet Koning Salomon"

Vlaams, begin 17e eeuw
Permanent in bruikleen van de Europese Investeringsbank.
Aan een expertise voor alle wandtapijten wordt gewerkt.
Dit wandtapijt werd enkele jaren geleden geïdentificeerd als een stuk "Beutekunst" (= door de Nazi’s van Joodse families gestolen kunst). De familie van de oorspronkelijke eigenaar is geïdentificeerd en de diefstal is vergoed, zodat het wandtapijt hier kan blijven.
Wandtapijt
"Het Offer van Lystra"

Gemaakt aan de hand van een prent van de italiaanse schilder Rafaël, 17e eeuw
Dit wandtapijt is gerestaureerd waardoor de kleuren van dit wandtapijt helderder zijn.
Dit wandtapijt laat een Bijbelse voorstelling zien. In opdracht van Paus Leo X ontwierp Raphael tien prenten voor wandtapijten. Deze tien, op schaal gemaakte en ingekleurde prenten, werden naar de werkplaats van Pieter van Allst in Brussel gestuurd. In 1519 waren de eerste zeven wandtapijten klaar en met kerstmis datzelfde jaar werden ze tentoongesteld in Rome.
Het enthousiasme voor deze wandtapijten was in Rome en in Europa zo groot dat de vorsten van het tijdperk van Frans I, Henry VIII, Karel V, kopieën lieten maken in werkplaatsen in Brussel.
Deze euforie duurde tot in de 18e eeuw, zodat niet alleen de werkplaatsen van Brussel, maar ook die van Mortlake in Engeland, de Gobelins en Beauvais in Frankrijk deze Apostel prenten fabriceerden. "Het Offer van Lystra" is één van deze kopieën en werd waarschijnlijk tegen het einde van de 17e eeuw gemaakt. Helaas verhindert het ontbreken van de zoom definitieve informatie over de plaats van vervaardiging. De beschrijving van het wandtapijt is in de teksten van Handelingen XVI, 8- 16 beschreven. Raphael heeft ze met grote nauwkeurigheid geïllustreerd. Paulus en Barnabas, aan de rechterkant van het tapijt, prediken het evangelie in de stad Lystra. Een kreupele werd genezen. Te zien is hij aan de linkerkant van het tapijt, voorovergebogen en strompelend, op de grond twee krukken en zijn handen gekruist. Achter hem staat een oude man met een mantel om. Paulus is te zien terwijl hij zijn kleren scheurt en het uitschreeuwt als de inwoners van Lystra stieren versierd met slingers aan hem en Barnabas willen offeren, omdat men gelooft dat zij Mercurius en Jupiter zijn.
Wandtapijt
"Allegorie van de Overwinning van Wetenschap en Kunst"

Tweede helft 17e eeuw
Geproduceerd in Brussel
Een strijdwagen met twee rijkelijk versierde paarden. Op deze wagen twee personen met een hoofdkrans van laurierbladeren. Ze tonen een goddelijke gratie en schoonheid.
Het jonge meisje dat rechts zit draagt in haar rechterhand de astrale bol. Links naast haar zit een jongeman met een schilderspalet en penselen. Voorin de wagen, ter hoogte van haar voeten, ziet men een wereldbol, een passer, een snaarinstrument en een open muziekboek. Deze verschillende voorwerpen staan symbool voor deze trots.
Wandtapijt
"Odysseus op het Eiland van Circe"

In 1634-1635 versierde Simon Vouet (veelzijdig kunstenaar/schilder) een galerij in het kasteel van Claude de Bullion (1570-1640, hoofdinspecteur en minister van financiën onder Lodewijk XIII) met een reeks muurschilderingen die scènes uit de Ilias voorstelden.
Deze inmiddels verdwenen muurschilderingen dienden als voorbeeld voor het Wandtapijt van
"Ulysses" Geweven werden deze in de ateliers van Parijs, Amiens, la Plance en
Comans.
We herkennen acht scènes in dit wandtapijt, ze laten verschillende scènes zien uit Odysseus
Onder andere de terugkeer naar zijn koningrijk Ithaka na de val van Troje, zoals verteld in de Ilias .van Homers.
Na een belegering van tien jaar en dankzij een slimme list van Odysseus valt Troje uiteindelijk in handen van de aanvaller.
De zegevierende Grieken keren terug naar huis. Voor Odysseus is de terugreis nog lang en gevaarlijk.
Tot het bereiken van zijn koninkrijk duurt het nog tien jaar.
Links op dit wandtapijt zien we Odysseus en twee van zijn metgezellen voor anker gaan bij het eiland van de tovenares Circe.
Aan de rechterkant staat een op een hert jagende jager. Het is waarschijnlijk Odysseus op zoek naar voedsel voor zijn bemanning en zichzelf (volgens canto X van Homerus Ilias)




